Een eerste kennismaking met de vier onderdelen van Taalvorming: de taalronde, de tekstbespreking, de genre-taalronde en tekstlessen FOCUS op begrip:
Bij Taalvorming werken we graag vanuit de eigen ervaringen van kinderen. Deze ervaringen zijn een mooie bron van waaruit je kunt vertellen, schrijven en tekenen. De basis van onze aanpak is de taalronde: een serie van werkvormen, grotendeels in de kring, waarbij de leerkracht de kinderen uitnodigt en stimuleert om te vertellen over hun eigen dicht-bij-huiservaringen. Een keer dat ze een dier aanraakten of wegjoegen, een keer dat er iets stuk ging in huis, dingen die ze meemaken in de winkel, om maar wat voorbeelden te noemen.
De kinderen vertellen over hun ervaring en luisteren naar die van anderen. Daarna schrijven ze er een tekst over. En ze tekenen en een ’taaltekening’: een tekening waarin de ervaring ook te zien is. Bij kinderen die nog niet zelf schrijven, wordt ‘bijgeschreven’: de leerkracht schrijft de ervaring van het kind onder de taaltekening, zoveel mogelijk in de eigen woorden van het kind.
Vanaf groep 5 is het belangrijk om, naast de ervaringsteksten in de taalronde, ook andere genres te leren schrijven. Hoe schrijf je bijvoorbeeld een betoog, een beschouwing of een verslag? Dit vraagt weer andere instructie dan een ervaringstekst. In deze genre-taalronde zijn de tussenstappen richting het schrijven van de tekst anders, maar komen ook een aantal werkvormen en principes uit de taalronde terug.
Je kunt af en toe een taalronde doen ‘voor erbij’, bijvoorbeeld in plaats van een schrijfles in een taalmethode. Maar veel beter is het om de taalronde aan te laten sluiten bij de rest van je (taal)onderwijs. De taalronde kan heel goed een plek krijgen binnen de thema’s van thematisch onderwijs. Het is een mooi middel om zo’n breed en overkoepelend thema te relateren aan de eigen ervaringen van kinderen. Zo breng je het thema dichterbij de kinderen.
Of laat ze genreteksten schrijven bij de onderwerpen van de zaakvakken. Als kinderen veel lezen over die interessante inhouden, kennis opdoen en er met elkaar over praten, dan is het mooi om die nieuwe kennis te verwerken in een eigen feitelijke tekst.
In een taalronde of genre-taalronde hebben de kinderen een tekst geschreven. In een volgende les kijken de kinderen opnieuw naar deze eerste versies van de tekst tijdens een tekstbespreking. Dit doe je meestal vanaf groep 5, hoewel je ook eerder al in kleinere vorm met kinderen kunt reflecteren op geschreven teksten.
In een tekstbespreking ligt de nadruk niet zozeer op het verbeteren van spelling en interpunctie. Wel op het duidelijker maken van ‘het plaatje in je hoofd’ dat de tekst bij je oproept. Dit doen we door de schrijver inhoudelijke vragen te stellen over de tekst: wat begrijpen we nog niet, en waar willen we meer over weten?
Bij het bespreken en herschrijven van een genretekst komen daar ook nog tekstkenmerken bij. Zijn in je betoog bijvoorbeeld de argumenten te herkennen, of is in je verslag duidelijk gemaakt welke stappen er zijn geweest en in welke volgorde?
De afgelopen jaren werkten we aan een antwoord op de vraag: Welk alternatief is er voor begrijpend lezen? Hoe kunnen we die vorm van leesonderwijs goed laten aansluiten bij de aanpak van Taalvorming? We wilden rijke teksten inzetten binnen betekenisvol en thematisch (taal)onderwijs.
We raakten geïnspireerd door de aanpak Focus op begrip (van Erna van Koeven en Anneke Smits). In samenwerking met basisschool de Achthoek in Amsterdam werkten we de tekstlessen uit FOCUS uit tot een praktische werkwijze. Deze werkwijze biedt houvast aan leerkrachten en werkt goed.
Taalvorming en de kerndoelen:
Taalvorming verwerkte de nieuwe kerndoelen (definitieve concept kerndoelen 2025) tot een overzichtelijk document waarin we onze werkwijze en onze werkvormen verbinden aan de kerndoelen. Daarbij blijft zowel de samenhang tussen onze werkvormen, als die tussen de verschillende kerndoelen voorop staan.
Zie hier voor het document Nieuwe conceptkerndoelen en Taalvorming.
