Kleurige gedachten, praten en spelen vanuit muziek
Dramaconsulent Esther de Koning onderzocht een jaar lang in het TETproject hoe ze diverse kunstvormen, drama en taalontwikkeling van kinderen kon combineren. Ze schreef een verslag van een les over het werken vanuit een muziekstuk
Oren uittesten (...) De kinderen van een gemengde groep 4-5 zitten om me heen. Tijdens het vormen van de kring vroegen een aantal kinderen naar wat ik vandaag heb meegenomen. Dit is de derde TET-les in deze groep, de kinderen weten al dat we telkens werken vanuit een kunstbron. Als iedereen goed zit, jongens en meisjes door elkaar, vertel ik dat we het komende uur onze oren hard nodig hebben omdat ik geen schilderij of tekening bij me heb maar muziek.
Om de oren even uit te testen, "zodat we straks niets van de muziek missen", luisteren we even naar de geluiden om ons heen. "Wat kunnen we horen als we stil zijn?" De kinderen luisteren heel serieus. Met overgave proberen ze de kleinste geluiden van buiten het lokaal op te pikken. "Een meisje uit groep 3 op het schoolplein". "De verwarming in de gang". Ik zie dat één meisje haar ogen durft te sluiten. "Oh dat werkt misschien heel goed wat jij probeert", zeg ik. "Wil er nog iemand uitproberen of je beter kunt horen met je ogen dicht?" Veel ogen om me heen worden nu gesloten. Tijd om de muziek aan te zetten!
Lawrence of Arabia Ik zet muziek van Maurice Jarre aan, uit "Lawrence of Arabia". "Probeer eens of je kleuren kunt zien die bij deze muziek passen" vraag ik. Ik ben benieuwd. De kinderen noemen heel verschillende kleuren. "Oh iedereen krijgt dus een eigen kleur bij de muziek." Ja, daar zijn ze het mee eens.
We proberen andere muziek. Muziek uit "The great race" van Henry Mancini. Ik vraag de kinderen om een eigen plekje in de ruimte te zoeken. Op "mijn" plek op de vloer mime ik dat ik een leeg vel papier in de lucht hang en stiften met verschillende kleuren pak... De kinderen doen mee. Sommige kiezen voor een enorm vel, anderen "pakken" een kleinere. "Schrijf straks woorden die je bij de muziek vind passen op je papier." Ik zet de muziek aan en zie om me heel dat iedereen als het ware in z'n eigen cocon aan het "schrijven" is. Het lijkt alsof ze ook netjes schrijven. Jaïr gumt zelfs iets uit, luistert opnieuw en schrijft dan een ander woord op. Ik zet de muziek uit en zeg wat me opgevallen is. Dat iedereen zo duidelijk zijn of haar eigen gedachten had. "Waar ben je wel eens alleen met je gedachten?" vraag ik. Het is even stil. "Ik ben wel eens thuis alleen met mijn gedachten", zeg ik dan. "Dan zit ik gewoon op mijn bank en dan denk ik vanalles maar ik doe niets. Kijk zo bijvoorbeeld..." Ik loop naar de CD speler en leg uit dat ik ga toneelspelen als de muziek aan gaat. Ik wijs naar een stoel en zeg: "dit is mijn blauwe bank met kussens, hij staat bij een raam." Ik zet het eerste muziekje weer aan en ga zitten. De muziek is hectisch en klinkt angstaanjagend. Na een tijdje stop ik en vraag: "Wie kon er zien waar ik aan dacht?". Iedereen wil antwoorden. Sommigen vergeten vingers op te steken. "Je bent bang" zegt het eerste meisje dat ik een beurt geef. "Ik denk dat er inbrekers komen als mijn moeder er niet is", voegt ze eraan toe. "Ik ga dan televisie kijken", flapt een jongen eruit. Uit het gesprek dat volgt blijkt iedereen ervaring te hebben met alleen zijn en bange gedachten hebben.
Solo Ik verdeel de kinderen in duo´s. Om de beurt vertelt ieder de ander hoe het bij hem gaat en speelt het daarna. Om me heen zie ik de kinderen aan elkaar uitleggen waar ze in huis zijn als ze alleen zijn met hun gedachten. In hun slaapkamer, op de bank, op het balkon. Dan gaat de muziek aan en gaat de helft spelen voor hun eigen publiek (de ander van het duo) De nadere helft van de klas is publiek en kijkt op hun beurt geanimeerd naar de "solo voorstelling".
Ik leg uit dat we nu kunnen doen dat de gedachten niet meer stil zijn, maar hardop worden uitgesproken. We worden het erover eens dat je alleen je eigen gedachten helemaal nauwkeurig uit kunt spreken en dat een ander jou dus na moet spelen. Ik vraag wie mij na wil spelen op m' n blauwe bank.
Alleen thuis Dwayne krijgt de beurt en hij gaat op de stoel zitten. Hij kopieert m'n gezichtsuitdrukkingen en doet net als ik alsof hij op wil staan maar toch maar blijft zitten. Ondertussen spreek ik "mijn" gedachten uit: "Eigenlijk moet ik nog even achter de computer gaan zitten en wat werken. Nee ik heb geen zin. Of zal ik toch maar?? Oh heb ik nou melk gekocht voor morgenochtend...oh nee dat ben ik vergeten...." Hilariteit in het publiek. "Het lijken net echt zijn gedachten juf!". "Dwayne kon niet zijn eigen zin doen." Dat beaamt Dwayne. "Eerst wou ik de televisie aanzetten maar dat zeiden de gedachten niet." "Nee, bij dit toneelstukje moet je ook heel goed luisteren", zeg ik. "Nu jullie allemaal op deze manier. Zoek je duo partner en kies één van jullie verhalen van daarnet. Over een moment dat je alleen was met je gedachten. De één speelt, de ander is de verteller." Ze gaan aan de slag. Als iedereen klaar is, vraag ik één meisje nog eens te spelen voor ons allemaal. Ze zegt dat ze in de slaapkamer is. Haar verteller gaat op een stoel in het zicht van het publiek zitten. Zodat we ook hem goed kunnen horen en zien. We tellen gezamenlijk af om aan te geven wanneer het spel kan beginnen. (...)